Toppers blijven zelden toppers

Goede rendementen in het verleden zeggen niets over de toekomst. Toppers blijven zelden toppers.

Beleggingsfondsen die over een bepaalde periode goed presteren weten dit zelden vol te houden. Het aantal beleggingsfondsen dat hier wel in slaagt is niet meer dan je op basis van willekeur (kop of munt gooien) zou verwachten. Dit blijkt uit recent onderzoek van Vanguard, een grote Amerikaanse vermogensbeheerder.


Top blijft niet top

Vanguard onderzocht bijna 400 beleggingsfondsen die in Engelse aandelen beleggen. Op basis van hun prestaties van 2002 tot en met 2006 werden zij in vijf groepen ingedeeld: de 20 procent fondsen met de beste prestaties zat in de hoogste groep, de volgende 20 procent zat in de tweede groep etc. De 20 procent fondsen die het slechtste hadden gepresteerd werd in de laagste groep ingedeeld. Vervolgens werd gekeken welk deel van de fondsen in de beste groep ook in de vijf jaar daarna (2007 t/m 2011) tot de best presterende fondsen behoorde. Slechts 16 procent van de fondsen bleek in beide periodes in de top 20 procent te vallen. Dat is minder dan je op basis van willekeur zou verwachten.


Top wordt vaak bodem

Maar dat is niet alles. Van de fondsen die tussen 2002 en 2006 het beste presteerden behoorde bijna een kwart in de vijfjaarsperiode daarna tot de 20 procent fondsen die het slechtste presteerden. Zij gingen dus van de top direct naar de bodem. Daarnaast werd ook nog eens bijna een kwart van de fondsen die tussen 2002 en 2006 het beste presteerden in de periode daarna opgedoekt of met een ander fonds gefuseerd, veelal vanwege de slechte prestaties. Kortom, van de best presterende fondsen in de eerste periode van vijf jaar waren er veel meer die daarna juist slecht presteerden dan goed bleven presteren. Goede rendementen uit het verleden zijn dus eerder een signaal dat je beter niet in zo’n fonds kan beleggen dan wel.


Europa nog slechter

Dezelfde analyse werd gemaakt voor aandelenfondsen die in Europese aandelen beleggen. De resultaten waren nog slechter. Slechts 5 procent van de toppers tussen 2002 en 2006 waren dat ook in de vijfjaarsperiode daarna. En maar liefst 45 procent van de Europese fondsen werden in de tweede periode van vijf jaar opgedoekt of met andere fondsen gefuseerd.

Bij de aandelenfondsen die in Amerikaanse aandelen, wereldwijd of opkomende markten beleggen waren de resultaten daarentegen iets beter dan voor de Engelse aandelen: 25 procent wist de goede prestaties vol te houden. Iets meer dan je op basis van willekeur zou verwachten. Maar niet veel. En ook in deze categorieën waren er veel fondsen die na een goede periode sterk terugvielen of uit de markt werden gehaald.


Kijk niet achteruit

Vanguard concludeert dat in het verleden behaalde resultaten geen voorspellende waarde voor de toekomst hebben. En adviseert beleggers om beleggingsfondsen niet te selecteren door alleen te kijken naar historische rendementen. De kans is groot dat je de deksel dan op je neus krijgt.

Laatste nieuwsartikelen

Ios0224 Downwards Line Chart 5 C2

Negatieve spaarrente

Sparen levert al tijden niets op. Bij grotere spaarbedragen moet u zelfs de bank rente betalen. Hoog tijd om te gaan beleggen.

ADL2 Buiten Bijgeknipt3

Arthur Docters van Leeuwen overleden

Op vrijdag 14 augustus jl. is Arthur Docters van Leeuwen op 75-jarige leeftijd overleden. Tijdens zijn lange en illustere carrière in de publieke sector was hij onder meer voorzitter van het College van procureurs-generaal, hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD, tegenwoordig AIVD) en voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Van 2009 tot en met 2019 was Arthur voorzitter van de Raad van Toezicht van Meesman Indexbeleggen.

Ios0201 Island 7 C4

Tegengeluid

Vijftien jaar geleden bestond indexbeleggen niet in Nederland. Wie indexbeleggen promootte was een roepende in de woestijn. Nu is de boodschap van actieve beleggers een ‘tegengeluid’.