Buffett eerlijk over later

De altijd lezenswaardige brief van Warren Buffett aan zijn aandeelhouders is weer uit. Hierin legt hij onder meer uit waarom de toekomst voor hem minder zal zijn dan het verleden.

Dankzij de geweldige rendementen die hij sinds 1965 behaalde heeft meesterbelegger Warren Buffett een bijna mythische status verworven. Door actieve beleggers wordt hij steevast aangevoerd als het bewijs dat met actief beleggen de index wél te verslaan is. Dat het kan is natuurlijk waar. Maar dat het slechts een enkeling lukt om op lange termijn de index overtuigend te verslaan is evengoed waar. Juist omdat wat hij heeft gepresteerd zo uitzonderlijk is, is Buffett zo bekend en wordt hij zo vereerd. Waren er honderden of duizenden Buffett’s, dan zou zijn naam niet telkens weer opduiken.


Brief aan aandeelhouders

Onlangs verscheen weer het jaarverslag van Berkshire Hathaway, het beleggingsvehikel van Warren Buffett. Daar wordt altijd met veel belangstelling naar uitgezien. In zijn brief aan aandeelhouders schrijft Buffett niet alleen over de verrichtingen van Berkshire gedurende het afgelopen jaar. Interessanter zijn meestal zijn bespiegelingen over het (Amerikaanse) bedrijfsleven, de financiële sector, bestuurders, beloningen en meer. Ook dit jaar weer wat wijze woorden.


Fondsen die de index niet verslaan hebben geen bestaansrecht

De doelstelling van Berkshire Hathaway is een rendement behalen dat beter is dan de S&P 500 Index. Net als bij de meeste beleggingsfondsen is het doel dus om een index te verslaan. Maar Buffett voegt hier iets aan toe waar je de meeste fondsbeheerders niet over zult horen. Namelijk dat als hij er op lange termijn niet in slaagt deze doelstelling waar te maken, hij niets voor zijn beleggers heeft gedaan. Beleggers kunnen met een indexfonds immers een vergelijkbaar of beter resultaat behalen. Het verslaan van de index is het resultaat waar beleggers hem op moeten afrekenen, aldus Buffett.

Buffett heeft natuurlijk gelijk. Beleggingsfondsen die de index niet verslaan hebben geen toegevoegde waarde. En het zou inderdaad goed zijn als beleggers hun fondsbeheerders daadwerkelijk afrekenden op hun resultaten door hun geld weg te halen bij slechte presterende fondsen. Goed voor de beleggers zelf, omdat zij dan een beter rendement kunnen maken. Maar ook goed voor de industrie als geheel, omdat dan heel wat fondsen door de uitstroom van geld de deuren zouden moeten sluiten. Precies wat nodig is in een bedrijfstak met een enorm overaanbod van uniforme, slecht presterende fondsen. De realiteit is helaas dat dit niet gebeurt en voorlopig ook niet zal gebeuren. De passiviteit en inertia onder beleggers in beleggingsfondsen is groot.


Groot worden gaat ten koste van het rendement

Warren Buffett heeft sinds 1965 de S&P 500 Index dik verslagen. Het rendement van Berkshire Hathaway was (gemeten naar boekwaarde) meer dan het dubbele van de index. Een geweldige prestatie. Maar vroeger ging het beter dan nu. In de 35 jaar tot en met het jaar 2000 bleef Berkshire Hathaway slechts vier keer achter op de index. Bijna 90 procent van de tijd outperformance. In de afgelopen 10 jaar was er ook vier keer verlies t.o.v. de S&P 500 Index. Nog ‘maar’ 60 procent van de tijd outperformance. Nog altijd indrukwekkend, zeker in vergelijking met de meeste professionele beleggers. Maar Buffett is er zelf bescheiden over. Waar hij zijn prestaties in het begin als ‘quite good’ kwalificeert, zijn ze de laatste jaren slechts ‘satisfactory’.

Over de reden voor te terugval is Buffett glashelder. Berkshire Hathaway is door het succes zo groot geworden dat het veel minder beleggingsmogelijkheden heeft dan vroeger waardoor de kans op het vinden van geweldige beleggingen ook is afgenomen. Warren Buffett zegt het zelf het beste: ‘The bountiful years, we want to emphasize, will never return. The huge sums of capital we currently manage eliminate any chance of exceptional performance.’ De nadruk op het word ‘any’ legt hij zelf.


Risico mijden

Berkshire Hathaway belegt in aandelen. Maar niet altijd is het hele vermogen belegd. Eind 2010 was er bijvoorbeeld zo’n $ 38 miljard niet in aandelen van andere bedrijven belegd. De vraag is wat je met dit geld moet doen. Zo veilig mogelijk aanhouden en met weinig rendement genoegen nemen. Of op zoek gaan naar (iets) meer rendement en dan ook wat meer risico accepteren.

Buffett gaat hier heel voorzichtig mee om. Het niet in aandelen belegde vermogen wordt grotendeels uitgezet in heel kortlopende obligaties van de Amerikaanse overheid. Niet of nauwelijks lang lopende obligaties, geen obligaties van minder kredietwaardige partijen en geen valutarisico. Zo min mogelijk risico dus. Dit levert weinig op, maar het zij zo.

Buffett maakt een duidelijk onderscheid tussen het risicodragende deel van zijn beleggingen en het risicomijdende deel. En het risicomijdende deel moet ook echt risicomijdend zijn. Hier zijn liquiditeit en veiligheid het belangrijkste. Niet extra rendement genereren. Buffett citeert met instemming Ray DeVoe, een auteur van beleggingsboeken: ‘More money has been lost reaching for yield than at the point of a gun’. Veel beleggers die vanwege het relatief lage rendement van veilige beleggingen door hun bank of vermogensbeheerder richting ‘beter renderende’ vastrentende beleggingen zijn gedirigeerd, kunnen hier na de kredietcrisis over meepraten.

Laatste nieuwsartikelen

Ios0224 Downwards Line Chart 5 C2

Negatieve spaarrente

Sparen levert al tijden niets op. Bij grotere spaarbedragen moet u zelfs de bank rente betalen. Hoog tijd om te gaan beleggen.

ADL2 Buiten Bijgeknipt3

Arthur Docters van Leeuwen overleden

Op vrijdag 14 augustus jl. is Arthur Docters van Leeuwen op 75-jarige leeftijd overleden. Tijdens zijn lange en illustere carrière in de publieke sector was hij onder meer voorzitter van het College van procureurs-generaal, hoofd van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD, tegenwoordig AIVD) en voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Van 2009 tot en met 2019 was Arthur voorzitter van de Raad van Toezicht van Meesman Indexbeleggen.

Ios0201 Island 7 C4

Tegengeluid

Vijftien jaar geleden bestond indexbeleggen niet in Nederland. Wie indexbeleggen promootte was een roepende in de woestijn. Nu is de boodschap van actieve beleggers een ‘tegengeluid’.