10 jaar S&P onderzoek

In 2002 begon S&P met een scorecard om de prestaties van actief beheerde beleggingsfondsen te meten. Een overzicht van de belangrijkste bevindingen van tien jaar onderzoek.

Tien jaar geleden begon Standard & Poor’s met de publicatie van de Indices versus Active Funds scorecard (SPIVA). De scorecard bevat de uitkomsten van een marktbreed onderzoek naar de prestaties van in de VS gevestigde actief beheerde beleggingsfondsen. Sinds 2002 is dit onderzoek uitgegroeid tot een van de toonaangevende publicaties over de prestaties van actieve fondsen in de VS. Het succes is mede te danken aan het streven van S&P om veel voorkomende fouten te omzeilen. Zo worden fondsen zo veel als mogelijk vergeleken met een representatieve index en worden de resultaten van fondsen die inmiddels niet meer bestaan (dat zijn er in de praktijk nogal wat) ook in het onderzoek meegenomen.

Na tien jaar is het aardig om de voornaamste bevindingen van S&P eens op een rijtje te zetten:

  • De belangrijkste conclusie van S&P is dat er door de jaren heen eigenlijk niets is veranderd. Tien jaar geleden bleek uit het eerste onderzoek al dat de meeste actief beheerde beleggingsfondsen de voor hun relevante index niet verslaan. Dat gold voor vrijwel alle categorieën van aandelen- en obligatiefondsen en over vrijwel alle periodes. Nu is dat nog steeds zo. Waarbij 2011 nog eens een bijzonder slecht jaar was voor actieve fondsen.
  • In de regel zijn de prestaties van actief beheerde obligatiefondsen ten opzichte van de voor hen relevante index nog slechter dan van actieve aandelenfondsen.
  • In het onderzoek wordt regelmatig aandacht besteed aan een aantal hardnekkige beleggingsmythes. Eén daarvan is de mythe dat de markt voor aandelen van grote ondernemingen efficiënt is en je daar dus beter kan indexbeleggen, terwijl de markt voor aandelen van kleine ondernemingen niet efficiënt is en je daar dus beter actief kan beleggen. Volgens S&P is dit niet zo. Over de afgelopen tien jaar was indexbeleggen net zo effectief bij aandelen van kleine bedrijven als bij aandelen van grote bedrijven.
  • Een tweede mythe is dat in moeilijke beurstijden, als de koersen onderuit gaan, actieve fondsen relatief beter presteren. Een actieve beheerder kan dan immers defensiever gaan beleggen en zelfs cash aanhouden om de verliezen te beperken. Een indexfonds kan dit niet. In de praktijk is hier echter weinig van terug te zien. Ook in de twee grote bear markets van de afgelopen tien jaar, het leeglopen van de internet bubbel tussen 2000 en 2003 en de kredietcrisis van 2007 t/m begin 2009, bleven de meeste actieve fondsen achter op hun benchmark.

Inmiddels publiceert S&P ook een SPIVA scorecard voor Australië, Canada en India. Maar niet voor Europa. Opvallend omdat de Europese beleggingsfondsenmarkt qua omvang de tweede van de wereld is. Hopelijk komt die nog wel. De kans is groot dat een Europese scorecard dan zal laten zien dat de hogere kosten van Europese beleggingsfondsen tot nog slechtere resultaten leiden dan Amerikaanse beleggingsfondsen. Actieve fondsbeheerders in Europa zullen blij zijn dat S&P het continent waar het eerste beleggingsfonds het levenslicht zag voorlopig links laat liggen.

Laatste nieuwsartikelen

Ios0150 Piggy Bank 6 C3

Een alternatief voor sparen

Steeds meer mensen moeten rente over hun spaargeld betalen in plaats van dat ze er juist rente over ontvangen. De veiligste soort obligaties zijn een interessant alternatief. En u wordt niet beperkt door de depositogarantieregeling.

Ios0432 Stock 6 C3

Beleggerskoorts

De spaarrente staat op nul en de aandelenkoersen blijven maar stijgen. Iedereen stort zich op de beurs. Hoe moeilijk kan het zijn?

Ios0224 Downwards Line Chart 5 C2

Negatieve spaarrente

Sparen levert al tijden niets op. Bij grotere spaarbedragen moet u zelfs de bank rente betalen. Hoog tijd om te gaan beleggen.