Willekeur wint
S&P onderzocht hoeveel beleggingsfondsen goede prestaties weten te herhalen. Dat zijn er maar heel weinig.
Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Elke belegger kent deze waarschuwing. Maar weinig beleggers trekken zich er iets van aan. Uit onderzoek blijkt telkens weer dat wanneer beleggers, zowel particulier als professioneel, beleggingsfondsen kiezen zij als eerste kijken naar het historisch rendement van het fonds. Niet verstandig. Zo blijkt uit de Standard & Poor’s Persistence Scorecard, het jongere zusje van de succesvolle S&P Indices versus Active Funds scorecard (SPIVA).
De spiegel
Is het zinvol om te kijken naar in het verleden behaalde rendementen? Om deze vraag te beantwoorden heeft S&P de Persistence Scorecard ontwikkeld. Een tool om de consistentie van de prestaties van in de VS gevestigde actief beheerde beleggingsfondsen te volgen. Het doel is om te vast te stellen of fondsen die een tijd goed presteren dat ook weten vol te houden.
De korte termijn
Eerst onderzocht S&P de consistentie van prestaties op korte termijn d.w.z. van jaar tot jaar. Door te kijken naar hoeveel beleggingsfondsen het lukte om in vijf achtereenvolgende jaren bovengemiddeld te presteren d.w.z. elk jaar tot de top 50 procent van alle actieve fondsen te behoren. Slechts 6 procent van de actieve fondsen slaagde hierin. Wordt de lat wat hoger gelegd – vijf jaar achtereen tot de beste 25 procent van alle fondsen behoren – dan blijven slechts 0,2% van de actieve fondsen over. In beide gevallen minder dan je op basis van willekeur zou verwachten.
De lange termijn
S&P bekeek de consistentie van de prestaties ook over een langere periode. Dus niet of een fonds elk jaar goed presteerde maar of het een goede gemiddelde prestatie over een periode van vijf jaar in de daaropvolgende vijf jaar wist te herhalen. Iedereen kan immers wel eens een slecht jaar hebben. Uit deze analyse bleek dat 23 procent van alle fondsen die over een periode van 5 jaar tot de top kwart behoorden, ook in de vijfjaarsperiode daarna weer tot de beste 25 procent behoorden. Met een munt opgooien zou je 25 procent verwachten. Ook op lange termijn is de consistentie dus minder dan je op basis van willekeur zou verwachten.
Geen kunde
Dit onderzoek van S&P bevestigt wat wetenschappers al vele jaren geleden hebben geconstateerd: bij beleggingsfondsen is van performance persistence weinig terug te zien, in ieder geval onder goed presterende fondsen. Voor fondsbeleggers die de winnaars van morgen zoeken heeft het dus weinig zin om te kijken naar de winnaars van gisteren.
Laatste nieuwsartikelen
6 signalen van een economische bubbel: van tulpenmanie tot crypto
Regelmatig duikt er een nieuwe belegging op die snelle winst belooft. Al snel ontstaat de vraag: mis ik iets als ik niet meedoe? Achteraf blijken zulke hypes zelden het begin van blijvend succes.
De kosten gaan omlaag
Want groeien doen we samen. Binnenkort dalen de transactiekosten van 0,25% naar 0,20%. Ook de minimuminleg gaat omlaag: je kunt dan al beleggen vanaf €50 per maand, in plaats van €100.
SpaceX, voorbij de hype
Het is de grootste ooit, de beursgang van SpaceX. Voor passieve beleggers is de impact van de beursgang echter te verwaarlozen. Het aandeel krijgt maar een hele kleine weging in de wereldindex.