De nieuwe belasting op vermogen: wat verandert er?
In 2021 stelde de Hoge Raad dat de manier waarop in Nederland vermogen werd belast in strijd was met Europese verdragen. Sindsdien wordt er druk gediscussieerd over hoe het dan wel moet. De meningen hierover lopen sterk uiteen. Vorige week heeft de Tweede Kamer de knoop doorgehakt en de ‘Wet werkelijk rendement’ aangenomen. In dit artikel leggen we uit wat dat voor beleggers bij Meesman betekent.
De huidige situatie: tot en met 2027
In 2026 en 2027 blijft de huidige manier van belasting heffen van kracht. U betaalt geen belasting als uw totale vermogen in box 3 (spaartegoeden, beleggingen etc.) minder is dan €59.357 per persoon. Daarboven betaalt u 36% belasting over een verondersteld of fictief rendement. In 2026 is dit voor sparen 1,28% (dit is nog niet definitief) en voor beleggen 6,0%.
Voor belastingaangiftes vanaf 2021 (en in sommige gevallen eerder) is er een tegenbewijsregeling. Als u kunt aantonen dat uw werkelijk rendement lager was dan het fictief rendement waar de belastingdienst vanuit gaat, dan betaalt u alleen belasting over het werkelijk rendement. U betaalt dus belasting over de laagste van twee mogelijkheden: het fictief rendement of het werkelijk rendement. U kunt het ook zo zien: u betaalt nooit meer dan het fictief rendement maar minder kan wel. Het fictief rendement zorgt dus eigenlijk voor een bovengrens aan de belastingheffing. Dit maakt de huidige belastingheffing in box 3, met tegenbewijsregeling, best wel voordelig. Het enige nadeel is dat als het rendement negatief is, u weliswaar geen belasting hoeft te betalen, maar u de verliezen niet kan verrekenen met toekomstige winsten.
Aanmelden webinar
Woensdag 4 maart om 20:00
Tijdens dit webinar vertelt Hendrik Meesman alles wat u moet weten over de nieuwe belasting op vermogen in box 3. We sluiten af met een live Q&A.
De nieuwe situatie: vanaf 2028
In 2028 wordt alles anders. Het fictief rendement gaat overboord. In plaats daarvan wordt het werkelijk rendement belast. Dit betekent belasting betalen over zowel inkomsten uit vermogen als over veranderingen in de waarde van uw vermogen. De belangrijkste kenmerken van de nieuwe manier van belasting heffen zijn:
- Inkomsten uit vermogen, zoals rente en dividend, worden belast.
- Veranderingen in de waarde van uw vermogen, zoals koerswinsten op aandelen en obligaties, worden belast. Koersverliezen mogen worden afgetrokken, maar alleen van toekomstige koerswinsten (dus niet van andere inkomsten).
- De kosten van beleggen, zoals beheer- en transactiekosten, mogen worden afgetrokken.
- Er is een vrijstelling: over de eerste €1.800 rendement per persoon betaalt u geen belasting.
- Het belastingtarief blijft 36%, voor zowel sparen als beleggen.
Het venijn van de nieuwe belastingheffing zit in hoe de waardeverandering van het vermogen wordt vastgesteld. Dat kan je op twee manieren doen:
- Je kunt koerswinsten belasten bij verkoop, als ze ‘gerealiseerd’ zijn. Dit heet vermogenswinstbelasting.
- Je kunt koerswinsten jaarlijks belasten, ongeacht of de belegging is verkocht of niet. Je betaalt dan belasting over ‘papieren’ ofwel ‘ongerealiseerde’ winsten. Dit heet vermogensaanwasbelasting.
In het nieuwe belastingstelsel komen beide voor. Koerswinsten op een aantal moeilijk verhandelbare beleggingen zoals vastgoed en aandelen van startende ondernemingen worden pas bij verkoop belast. Een vermogenswinstbelasting dus. Alle andere beleggingen (en spaartegoeden), worden jaarlijks belast. Een vermogensaanwasbelasting dus.
Een simpel rekenvoorbeeld om te laten zien hoe een vermogensaanwasbelasting werkt.
- U heeft een belegging die op 1 januari €10.000 waard is en op 31 december €10.600.
- U heeft gedurende het jaar €200 dividend ontvangen.
- Het werkelijke rendement is dan: €200 dividend + €600 koerswinst = €800.
Als dit uw enige vermogen is, dan betaalt u geen belasting omdat het rendement minder is dan de vrijstelling (€1.800). Anders betaalt u: €800 x 36% = €288.
Wat zijn de grootste verschillen?
De twee grootste verschillen tussen de huidige en nieuwe manier van belasting heffen zijn:
- In het huidige systeem zorgt het fictief rendement voor een bovengrens op de te betalen belasting. In het nieuwe systeem vervalt dit. Dit is nadelig voor zowel sparen als beleggen.
- In het huidige systeem is een deel van de waarde van uw vermogen vrijgesteld (€59.357). In het nieuwe systeem is een deel van het rendement dat u met uw vermogen genereert vrijgesteld (€1.800). De nieuwe vrijstelling is voordeliger dan de oude bij een laag rendement maar nadeliger bij een hoog rendement. Dus gunstig voor sparen, ongunstig voor beleggen.
Hoeveel belasting betaalt u straks? Is dat minder of meer dan nu?
Kleine belegger
In het huidige belastingstelsel betalen beleggers met een vermogen van minder dan €59.357 geen belasting. Ook in het nieuwe belastingstelsel betalen sommige beleggers geen belasting. Namelijk, als hun rendement minder dan €1.800 is. Voor hen verandert er dus niets. Bij een laag procentueel rendement van zeg 1,5% (de huidige spaarrente) betekent dit dat zij effectief geen belasting betalen over de eerste €120.000 van hun vermogen (€120.000 x 1,5% = €1.800). Een stuk meer dan in het huidige stelsel. Maar bij een hoog procentueel rendement van zeg 8% betekent is in feite slechts €22.500 van hun vermogen van belasting vrijgesteld (€22.500 x 8% = €1.800). Veel minder dan in het huidige belastingstelsel.
Grote belegger
Voor beleggers met grotere vermogens, die boven de vrijstelling uitkomen, geldt dat de belasting die zij gaan betalen afhangt van de omvang van hun vermogen (hoe groter, hoe meer zij betalen) en hoeveel rendement zij maken (hoe hoger, hoe meer zij betalen). In het algemeen is het zo dat zij in het nieuwe belastingstelsel minder belasting gaan betalen bij lage rendementen (tot pakweg 3% per jaar) en meer belasting gaan betalen bij hogere rendementen (>3% per jaar). In de tabel hieronder ziet u het verschil tussen nu en straks bij een laag, gemiddeld en hoog rendement.
Rekenvoorbeeld €50.000
| Nu | Straks | |||
|---|---|---|---|---|
| Rendement | Belasting | Eindbedrag | Belasting | Eindbedrag |
| 2% | € 0 | € 51.000 | € 0 | € 51.000 |
| 5% | € 0 | € 52.500 | € 252 | € 52.248 |
| 8% | € 0 | € 54.000 | € 792 | € 53.208 |
Rekenvoorbeeld €100.000
| Nu | Straks | |||
|---|---|---|---|---|
| Rendement | Belasting | Eindbedrag | Belasting | Eindbedrag |
| 2% | € 293 | € 101.707 | € 72 | € 101.928 |
| 5% | € 732 | € 104.268 | € 1.152 | € 103.848 |
| 8% | € 878 | € 107.122 | € 2.232 | € 105.768 |
Rekenvoorbeeld € 500.000
| Nu | Straks | |||
|---|---|---|---|---|
| Rendement | Belasting | Eindbedrag | Belasting | Eindbedrag |
| 2% | € 3.173 | € 506.827 | € 2.952 | € 507.048 |
| 5% | € 7.932 | € 517.068 | € 8.352 | € 516.648 |
| 8% | € 9.518 | € 530.482 | € 13.752 | € 526.248 |
Blijft beleggen straks aantrekkelijker dan sparen?
Een andere vraag die we wel eens horen is of beleggen nog wel de moeite waard is. Kan ik niet beter gaan sparen? Het antwoord op deze vraag is heel eenvoudig. Beleggen is zeker nog de moeite waard. En beleggen blijft (op lange termijn) aantrekkelijker dan sparen omdat beleggen netto, na belasting, een stuk meer blijft opleveren dan sparen.
Anders dan nu het geval is, worden sparen en beleggen vanaf 2028 op dezelfde manier belast. Bij het kiezen tussen sparen en beleggen hoeft u dus geen rekening meer te houden met verschillen in belastingheffing. Die zijn er immers niet meer!
Hoe betaalt u straks de belasting?
De vermogensaanwasbelasting die in 2028 in werking treedt betekent dat we elk jaar belasting moeten gaan betalen over koerswinsten, ook al hebben we onze beleggingen niet verkocht. De vraag is hoe we dan aan het geld komen om de belasting te betalen? Er zijn twee mogelijkheden.
- De belasting betalen met geld dat ergens anders op een betaal- of spaarrekening staat.
- Elk jaar een klein deel van de beleggingen verkopen en de verkoopopbrengst gebruiken om de belasting te betalen.
Het feit dat we met een vermogensaanwasbelasting wellicht wat beleggingen moeten verkopen om de belasting te kunnen betalen, is een (groot) nadeel vergeleken met een vermogenswinstbelasting. Het betekent immers dat we geld aan onze beleggingsrekening moeten onttrekken waardoor er minder overblijft om in de toekomst te laten renderen. Het rente-op-rente effect gaat (iets) minder hard voor ons werken, waardoor we minder vermogen opbouwen dan als we geen geld hoeven vrij te maken om de belasting te betalen. Een kleine kanttekening hierbij. In het huidige belastingstelsel moeten we ook jaarlijks belasting betalen, in die zin is er niets nieuws onder de zon.
Nog steeds geen zekerheid
Hoewel de meeste partijen in de Tweede Kamer ermee hebben ingestemd, is vrijwel niemand tevreden met de nieuwe manier van belasting heffen. De meeste politieke partijen hebben dan ook al laten weten dat het wat hen betreft geen eindstation is. Achter de schermen wordt zelfs al gewerkt aan plannen om de wet aan te passen. Waarbij het doel vooral is om koerswinsten pas te belasten bij verkoop in plaats van jaarlijks. Dus van vermogensaanwas naar vermogenswinst. Dit zou ook in lijn zijn met hoe de meeste andere landen het doen. Verdere aanpassingen van de wet zoals die er nu ligt zijn dan ook zeer waarschijnlijk. Mogelijk zelfs nog vóór 2028. Anders niet lang daarna. Het gaat dus nog wel even duren voor we echt weten waar we aan toe zijn.
Wat moet u doen?
Hoewel het allemaal nog niet is uitgekristalliseerd, zijn een aantal zaken wel al duidelijk. De belastingheffing gaat veranderen. Sparen en beleggen worden straks op dezelfde manier belast. En beleggen zal naar verwachting, ook na belastingheffing, op lange termijn meer rendement blijven opleveren dan sparen. Bovendien is de kans groot dat eventuele toekomstige aanpassingen voor beleggers gunstig zullen uitpakken. De (voorlopige) conclusie is dan ook dat er voor beleggers bij Meesman geen reden is om iets te veranderen. Passief beleggen is en blijft de beste manier om op lange termijn vermogen op te bouwen. Ons advies is dan ook om gewoon te blijven doen wat u altijd al bij ons deed. En als het goed is, is dat heel weinig!
Let op: dit geldt niet voor de Pensioenrekening
Nog een kleine voetnoot. In dit artikel gaat het over de nieuwe belastingheffing in box 3 van de inkomstenbelasting. Daar krijgt u mee te maken als u een Meesman Beleggingsrekening heeft. Heeft u een Meesman Pensioenrekening, dan is dit allemaal niet relevant. Die wordt immers in box 1 van de inkomstenbelasting belast. Daar werkt de belastingheffing heel anders, en dat verandert niet.
Laatste nieuwsartikelen
De nieuwe belasting op vermogen: wat verandert er?
Vanaf 2028 gaan we belasting betalen over het werkelijk rendement op ons vermogen in plaats van een fictief rendement. De belastingdruk neemt daardoor wat toe. Beleggen blijft echter aantrekkelijk....
Handelen rond de feestdagen
Door de feestdagen zijn er wat veranderingen in wanneer er gehandeld wordt. Wilt u vóór eind 2025 nog een bedrag inleggen of opnemen? Lees dit artikel dan goed door.
Afwijkende handelsdagen oktober 2025
De Meesman fondsen beleggen breed gespreid en hebben daardoor te maken met verschillende beurzen verspreid over de hele wereld. Elke beurs heeft zijn eigen sluitingsdagen in verband met plaatselijke...