Lijnen trekken
Afgelopen maart dook de AEX index onder de 200 punten. Volgens technische analisten was een belangrijk steunniveau doorbroken. Een signaal dat je beter kon verkopen dan kopen. Inmiddels staat de AEX bijna 50% hoger.
We hebben er al vaak over geschreven. Dat market timing – proberen op dieptepunten in te stappen en hoogtepunten uit te stappen – niet verstandig is. Waarom? Omdat het niet mogelijk is met enige mate van zekerheid te voorspellen wanneer de beurs diepte- en hoogtepunten gaat bereiken. Er gaat geen belletje. We kunnen het alleen achteraf vaststellen. En zelfs het achteraf vaststellen kost enige tijd. Want pas na maanden (soms jaren) kunnen we met zekerheid vaststellen dat een omslagpunt een definitieve kentering was en geen tijdelijke opleving of dip in een zich daarna weer voortzettende trend.
En in de tijd die nodig is om vast te stellen dat echt sprake is van een ommekeer is het herstel dan wel de terugval op de beurs alweer een heel eind op weg. Uit onderzoek weten we dat in de eerste weken en maanden na een omslagpunt het meestal het hardst gaat, zowel omhoog als omlaag. Zoals ook het afgelopen halfjaar te zien was. Op 9 maart bereikte de AEX index een (voorlopig?) dieptepunt van 199 punten. Een maand later stond de AEX 17% hoger – een rendement van 560% op jaarbasis. Na twee maanden was de winst 31%. Inmiddels is de AEX naar 290 punten gestegen, een stijging van bijna 50%.
Technische analyse
Ondanks al het bewijs dat market timing de meeste beleggers rendement kost in plaats van oplevert en de vaak slechte persoonlijke ervaringen ermee, kunnen veel beleggers het toch niet laten om actief in en uit te stappen in een poging wat extra rendement te genereren. Een veelgebruikt hulpmiddel bij het timen van in- en uitstapmomenten is de technische analyse. Bij technische analyse kijken beleggers naar koersgrafieken in een poging trends te signaleren en patronen te herkennen. Zij zien dan trendkanalen, steunlijnen en weerstandsniveau’s. En proberen vast te stellen of de koersen zich ontwikkelen volgens één van de honderden koerspatronen die in het verleden zijn waargenomen. Met het doel om te voorspellen hoe koersen zich nu zullen ontwikkelen. Technische analisten baseren zich uitsluitend op grafieken van historische koersen en handelsvolumes. Zij besteden geen aandacht aan zogeheten fundamentele factoren zoals informatie over bedrijven, financiële markten, de economie enzovoort.
Kwakzalvers?
In de financiële wereld is technische analyse een controversieel onderwerp. Buiten de mensen die er hun geld mee verdienen heeft technische analyse geen beste reputatie. Bekend is de uitspraak dat ‘technical analysis makes astrology look respectable’. En meesterbelegger Warren Buffett heeft jaren geprobeerd geld te verdienen met technische analyse totdat hij het bijltje erbij neergooide. Hij zei hierover: ‘Ik realiseerde me dat technische analyse niet werkte toen ik de grafiek ondersteboven hield en niet een ander antwoord kreeg’.
Bekende problemen bij technische analyse zijn dat mensen vaak patronen zien waar ze er niet zijn. En het gegeven dat koerspatronen uit het verleden zich niet per se in de toekomst op dezelfde manier herhalen. Zijn er dan geen technische analisten die goed presteren? Ongetwijfeld. Zoals er voor elke vorm van actief beleggen mensen te vinden zijn die er goede beleggingsresultaten mee hebben behaald. De vraag is echter of het geluk of wijsheid is. En of de goede resultaten uit het verleden enige garantie bieden voor te toekomst. Ik ken geen bewijs dat technische analyse beter scoort dan andere manieren om de toekomst te voorspellen.
200 punten, help!
Toen de AEX begin dit jaar richting de 200 punten zakte, gaven de technische analisten aan dat dit een belangrijk steunniveau was. Bij een sterke steunlijn mag je verwachten dat de index een tijdje boven dit niveau blijft liggen (het is immers een grote drempel om te nemen) en als die er dan toch doorheen breekt, dat de koersen dan in rap tempo verder afglijden. Er werd toen gesproken over een AEX van 150 punten, een verlies van nog eens 25%. Maar wat gebeurde er? Precies het tegenovergestelde.
Na het doorbreken van het laatste steunniveau (218 punten, het vorige dieptepunt van maart 2003) op maandag 2 maart 2009 duurde het slechts vier dagen voordat de AEX op vrijdag 6 maart onder de 200 punten eindigde. Het mooie ronde getal van 200 punten bleek nou niet bepaald een sterk steunniveau. De barrière werd razendsnel genomen. De AEX is daarna nog één dag onder de 200 punten geëindigd. Dat was op maandag 9 maart. Op dinsdag 10 maart sloot de AEX alweer op 210 punten. En is sindsdien niet meer onder de 200 punten gekomen. De door technische analisten gevreesde weggeslagen bodem bleek niet het begin van het verder wegglijden van de koersen maar juist de omkeer naar een bijzonder snel en sterk herstel van de koersen.
Onlangs zei beleggingsstrateeg Michel van der Stee van Van Lanschot Bankiers in het Financieele Dagblad hierover: ‘Ik ken geen enkele technische analist die bij een AEX van 200 punten zei dat ik nu moest instappen’. Gevraagd waarom er toch zoveel technische analisten zijn antwoordt hij: ‘De markt vraagt om mensen die voorspellingen doen, maar niemand weet waar de beurs naartoe gaat’. Een opmerkelijk eerlijk antwoord.
Meer columns
Hendrik Meesman is directeur van Meesman Index Investments. In deze column geeft Hendrik Meesman zijn persoonlijke mening over een bepaald onderwerp. Dit hoeft niet de mening te zijn van Meesman Index Investments. De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Vragen of reacties kunt u mailen naar h.meesman@meesman.nl.
