Multi mismanagement fondsen
Met multi-managerfondsen beweren banken de beste fondsbeheerders en beleggingsfondsen voor u te selecteren. De kosten zijn hoog, de resultaten slecht.
‘Toegang tot een selectie van de best presterende beleggingsfondsen wereldwijd’ staat met grote letters op de brochure van de ABN Amro Multi Manager Profiel Fondsen. In de brochure wordt uitgelegd dat er wereldwijd meer dan 115.000 beleggingsfondsen zijn en dat het voor particuliere beleggers ‘vrijwel onmogelijk is om hieruit de best presterende beleggingsfondsen en fondshuizen te selecteren’. Gelukkig biedt ABN Amro de helpende hand. Want wat u niet kan, zegt ABN Amro wel te kunnen. Een ‘onafhankelijke en objectieve selectie van beleggingsfondsen door ervaren specialisten’ waarbij gebruik wordt gemaakt van een ‘wiskundig model’ en ’kwalitatief onderzoek’ moet uitwijzen of de ‘goede beleggingsresultaten [van beleggingsfondsen] ook voor de toekomst verwacht zouden kunnen worden’. Zo ja, dan kan in het fonds worden belegd door de ABN Amro multi-managerfondsen.
ABN Amro verwacht dat het aanbod van multi-managerfondsen de komende jaren sterk gaat groeien vanwege ‘het duidelijke voordeel van deze beleggingsfondsen voor beleggers’. Wie de brochure leest krijgt de indruk dat multi-managerfondsen het walhalla voor beleggers zijn – zonder dat je er zelf iets voor hoeft te doen krijg je toegang tot de beste beleggers ter wereld. Het klinkt geweldig. De realiteit is anders.
Achtergrond
Multi-managerfondsen bestaan al langer in Nederland. Insinger de Beaufort, een kleinere bank, biedt ze al jaren aan. De prestaties zijn niet bepaald geweldig. Zo blijven beide wereldwijd beleggende multi manager aandelenfondsen van Insinger over de afgelopen drie en vijf jaar achter bij de index. Tien jaar cijfers zijn er nog niet – zo lang bestaan ze nog niet. Robeco heeft in 2003 een aantal multi-managerfondsen opgericht. De selectie van de ‘beste’ fondsen was uitbesteed aan het Amerikaanse Russell, de wereldwijde leider in multi manager beleggen. Mede vanwege de teleurstellende prestaties zijn de fondsen in 2007 weer van de markt gehaald. Ook Van Lanschot heeft in 2006 de stap gezet. Vanwege de slechte resultaten is het Van Lanschot Global Equity Fund toen omgebouwd tot een multi-managerfonds. Veel heeft het niet geholpen. Ook in 2007 en 2008 bleef het fonds achter bij de index. Begin dit jaar is bekend gemaakt dat het Van Lanschot Global Equity Fund met een ander fonds gaat fuseren en dan multi-manager af is. Kortom, beleggers in Nederlandse multi-managerfondsen hebben er tot dusverre weinig plezier aan beleefd.
ABN Amro Multi Manager Profiel fondsen
Zal het bij ABN Amro beter gaan? Dat is niet waarschijnlijk. De vijf ABN Amro Multi Manager Profiel fondsen zijn in december 2006 opgericht. In 2007 wist alleen het meest risicovolle van de vijf fondsen beter te presteren dan de index. In 2008 lukte dat alleen het minst risicovolle van de vijf. Twee jaar is uiteraard te kort om een definitief oordeel te vellen, maar het begin is in ieder geval teleurstellend. En er is een goede reden om aan te nemen dat het niet beter wordt: de kosten.
Kostenratio
De kostenratio geeft aan wat de jaarlijkse kosten van een beleggingsfonds zijn, exclusief de transactiekosten die binnen het fonds worden gemaakt. In de brochure en de financiële bijsluiter op de website van ABN Amro is de kostenratio niet te vinden. In het jaarverslag over 2007 wel. Daar staat een kostenratio van 0,96% voor het fonds met het laagste risico tot 2,64% voor het meest risicovolle fonds. Het lijkt er echter op dat dit niet het totaalplaatje is. Van sommige fondsen is de kostenratio immers niet of nauwelijks meer dan de beheervergoeding die ABN Amro zelf in rekening brengt. De kostenratio zou echter een stuk hoger moeten zijn omdat de ABN Amro multi-managerfondsen beleggen in andere fondsen die ook een beheervergoeding in rekening brengen en de belegger volgens het prospectus beide beheervergoedingen betaalt (behalve als ook de onderliggende fondsen van ABN Amro zijn). Het lijkt er dus op dat de beheervergoeding van de onderliggende fondsen niet (of niet geheel) in de berekening van de kostenratio is meegenomen. Hoe hoog de kostenratio precies is weten we dus niet.
Transactiekosten
Bovenop de kostenratio komen nog de transactiekosten die het fonds maakt bij het doen van transacties. Hoe hoog die kosten zijn is niet bekend. In het jaarverslag staat echter wel de zogeheten omloopfactor (of Portfolio Turnover Rate) van de fondsen, die een indicatie geeft van de hoeveelheid transacties die worden uitgevoerd. In 2007 liep de omloopfactor van de fondsen uiteen van 143% tot 231% op jaarbasis. Dat is erg veel. Zeker voor fondsen die in andere beleggingsfondsen beleggen.
Interessant fenomeen
De opkomst van multi-managerfondsen is een interessant fenomeen. Het feit dat fondsbeheerders hun heil zoeken bij andere fondsbeheerders zegt veel over de eigen prestaties en het vertrouwen in eigen kunnen. De slechte prestaties en het veelal weer snel opdoeken van veel multi-managerfondsen zegt zo mogelijk nog meer. Namelijk, dat de door deskundigen zorgvuldig geselecteerde ‘beste’ beleggingsfondsen ter wereld meestal ook niet in staat zijn beter te presteren dan de index.
Meer columns
Hendrik Meesman is directeur van Meesman Index Investments. In deze column geeft Hendrik Meesman zijn persoonlijke mening over een bepaald onderwerp. Dit hoeft niet de mening te zijn van Meesman Index Investments. De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Vragen of reacties kunt u mailen naar h.meesman@meesman.nl.
