Column Hendrik Meesman, 20 april 2009
In de financiële sector leidt innovatie vaak niet tot betere producten. Volgens toezichthouders moeten consumenten ertegen beschermd worden. De beste bescherming is: keep it simple.
Vorige week hield Ben Bernanke, de voorzitter van het Amerikaanse stelsel van centrale banken, een toespraak over financiële innovatie. Kort samengevat stelde hij dat financiële innovatie goed is voor de economie, maar dat strenger toezicht erop nodig is. Om de financiële gemeenschap niet voor het hoofd te stoten drukte hij zich netjes uit maar feitelijk zei hij dat financiële innovatie lang niet altijd goed is. De titel van zijn toespraak, ‘Financiële innovatie en bescherming van de consument’, spreekt wat dat betreft boekdelen. De consument moet beschermd worden tegen financiële innovatie. Adair Turner, hoofd van de Britse financiële toezichthouder FSA, zal het met hem eens zijn. Over de toegevoegde waarde van de financiële innovaties van de afgelopen jaren zei hij onlangs dat je er maatschappelijk gezien niets aan hebt.
Kredietcrisis
De kredietcrisis is in belangrijke mate het gevolg van uit de hand gelopen financiële innovatie. De financiële whizz kids bedachten steeds weer nieuwe producten, waarbij vaak kosten en risico’s op elkaar werden gestapeld en aan het zicht werden onttrokken. Veelal een bewuste keuze, volgens Bernanke. Door het optuigen van innovatieve (boekhoudkundige) constructies had de buitenwereld geen zicht meer op de risico’s en kon het allemaal jarenlang doorgaan. Maar eens stopt de muziek. En dan mogen anderen de rotzooi opruimen. De hele wereld betaalt nu de rekening voor de excessen van een kleine groep bankiers.
Innovatie in Nederland
In Nederland kunnen we hierover meepraten. Tot de grootste financiële innovaties van de afgelopen jaren behoren het lease beleggen (beleggen met geleend geld), beleggingsverzekeringen (beter bekend als woekerpolissen) en allerlei complexe en ondoorzichtige gestructureerde (gebundelde) producten waarvan de kosten hoog en onduidelijk zijn, de risico’s moeilijk in te schatten zijn en de garanties soms boterzacht blijken te zijn. Inmiddels is voor iedereen duidelijk dat de meeste van deze producten geen enkele toegevoegde waarde hebben. Het is een dure les geweest.
Een moeilijk evenwicht
Volgens Bernanke moeten financiële producten en diensten zo worden uitgelegd dat consumenten ze kunnen begrijpen. En is de uitdaging voor de overheid om met regelgeving te komen die de consument beschermt zonder innovatie de grond in te boren. Een lovenswaardig streven waar niemand het (publiekelijk) mee oneens zal zijn. Maar in de praktijk vrijwel zeker een onmogelijke opdracht.
Banken en verzekeraars hebben geen belang bij het simpel en transparant maken van producten. Laat staan dat zij die nog eens helder zouden uitleggen. Op de recente Nationale Dag Financiële Marketing gaf een partner van adviesbureau McKinsey aan hoe de financiële wereld werkelijk in elkaar zit: ‘Aan financiële producten die klanten glashelder doorzien is niet genoeg geld te verdienen.’ Hij was er dan ook van overtuigd dat die er niet zouden komen. Sterker nog, volgens hem kunnen financiële dienstverleners over intransparantie nog een hoop leren.
Een ander probleem is hoe je van tevoren vaststelt welke innovaties goed zijn en welke slecht. Tot voor kort werd het zogeheten securitiseren (opknippen, herverpakken en doorverkopen) van leningen door niemand, ook toezichthouders niet, als een probleem gezien. Meestal is pas achteraf duidelijk welke innovaties echt verbeteringen zijn en welke niet.
Keep it simple
De overheid zal moeten laten zien dat zij het evenwicht weet te vinden tussen het niet ontmoedigen van financiële innovatie en het beschermen van de consument. In de tussentijd doet de consument er goed aan financiële innovaties links te laten liggen. Het beste advies is en blijft om geen financiële producten te kopen die u niet begrijpt. En om niet te vertrouwen op een bedrijf of persoon omdat die een betrouwbare indruk maakt. Financiële instellingen besteden miljoenen aan marketingcampagnes die vertrouwen moeten wekken. En de medewerkers die met de klanten in contact komen worden erop geselecteerd en getraind. Het zegt echter allemaal niets over de werkelijkheid d.w.z. in hoeverre een bedrijf iets doet dat toegevoegde waarde biedt en het beste met u voor heeft. Wetend wat wij weten over hoe het eraan toegaat in de financiële sector is het verstandig om ervan uit te gaan dat de meeste financiële instellingen de klant zien als een koe om uit te melken, zoals een voormalige baas van ING zich een keer liet ontglippen.
Vraag een aanbieder altijd hard te maken wat de toegevoegde waarde van een product of dienst is. Vraag ze dat op basis van onafhankelijke bronnen cijfermatig aan te tonen en laat ze het op papier zetten. Bespreek het daarna met anderen alvorens een beslissing te nemen. Het is geen garantie maar geeft tenminste enige houvast. De beste manier om onaangename verrassingen zoveel mogelijk te beperken is alles zo eenvoudig mogelijk houden. Bijkomend voordeel is dat u dan ook beter het overzicht over uw financiën houdt. Zoals ze in de VS zeggen: Keep it simple, stupid!
Meer columns
Hendrik Meesman is directeur van Meesman Index Investments. In deze column geeft Hendrik Meesman zijn persoonlijke mening over een bepaald onderwerp. Dit hoeft niet de mening te zijn van Meesman Index Investments. De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Vragen of reacties kunt u mailen naar h.meesman@meesman.nl.
