Is de bodem nu bereikt?


    Column Hendrik Meesman, 6 april 2009

    De meest gestelde vraag van dit moment is of de bodem op de beurs nu bereikt is. Het antwoord is dat we dit niet weten. Maar ook dat deze vraag niet relevant is.

    Al meer dan anderhalf jaar dalen de aandelenkoersen wereldwijd. Veel aandelenmarkten zijn de helft van hun beurswaarde kwijt of meer. De verliezen zijn vergelijkbaar met de grootste bear markets uit de geschiedenis en we moeten zo’n vijfentwintig jaar terug in de tijd om een periode te vinden dat aandelen zo goedkoop waren als nu. Als de aandelenkoersen dan ineens stijgen, zoals de afgelopen weken het geval was, begint de hele beleggingsgemeenschap te vragen of de bodem nu bereikt is. Is het ergste nu achter de rug en is dit hét moment om in te stappen?

    Het slechte nieuws
    Het slechte nieuws is dat niemand dit met enige mate van zekerheid kan zeggen. Natuurlijk, iedereen kan er een mening over ventileren en dat ogenschijnlijk goed onderbouwen. De redeneringen van zowel de optimisten als de pessimisten klinken plausibel. De realiteit is echter dat hoogte- en dieptepunten op de beurs niet consistent goed te voorspellen zijn. Zoals herhaaldelijk is aangetoond. In de vele onderzoeken naar de verwachtingen van beleggers, analisten, strategen, economen etc... als ook de adviezen van zogeheten market timing nieuwsbrieven in de VS.

    Dat voorspellen voor iedereen altijd al moeilijk is geweest blijkt ook uit het inmiddels al tien jaar oude boek The Fortune Sellers van William Sherden. Hierin laat de auteur zien dat, ondanks verbeterde technologie en andere hulpmiddelen, niet alleen beleggers maar ook economen, meteorologen en andere wetenschappers er niet in slagen de toekomst te voorspellen. Omdat de systemen die zij bestuderen te complex zijn – er zijn zoveel factoren waarmee rekening moet worden gehouden, die elkaar ook nog eens op een dynamische manier beïnvloeden, dat het niet mogelijk is dit alles in werkbare regels of modellen te vatten die tot betrouwbare voorspellingen leiden.

    Dat het de meeste beleggers in de praktijk ook niet lukt op het goede moment in en uit te stappen is ook duidelijk te zien aan de cijfers van de in- en uitstroom van geld in beleggingsfondsen. De cijfers die De Nederlandsche Bank hierover bijhoudt laten zien dat Nederlandse beleggers nooit zoveel in beleggingsfondsen hebben belegd als in het jaar 2000, het hoogtepunt van de markt. De cijfers laten ook zien dat op dit moment nauwelijks meer in beleggingsfondsen wordt belegd. We kopen als het duur is in plaats van als het goedkoop is.

    Het goede nieuws
    Het goede nieuws is dat je helemaal niet hoeft te weten of de beurs nu de bodem heeft bereikt om succesvol te beleggen. Sterker nog, wie niet probeert de bodem te ‘timen’ doet het vrijwel zeker beter dan wie het wel probeert. Omdat we het dieptepunt niet van tevoren kunnen herkennen en omdat het rendement op de beurs voor een belangrijk deel in slechts een beperkt aantal dagen wordt behaald. Vooral als na een terugval herstel optreedt, gaat het in het begin hard. Beleggers die deze beslissende dagen missen (omdat ze ‘uit de markt’ waren en net te laat zijn ingestapt) behalen aanzienlijk minder rendement. Uit onderzoek weten we dat beleggers die het in- en uitstappen in beleggingsfondsen proberen te timen, gemiddeld zo’n 1,5% tot 3% per jaar minder rendement behalen dan beleggers die gewoon blijven zitten.

    Wie probeert hoogte- en dieptepunten op de beurs te voorspellen doet aan speculeren, niet beleggen. Beleggen gaat om de lange termijn. En voor lange termijn beleggers is het niet relevant om te weten of de bodem nu bereikt is. De relevante vraag is hoe groot de kans is dat als zij nu instappen, zij op lange termijn een aantrekkelijk rendement behalen. Het antwoord op die vraag is dat die kans nu - tegen de huidige relatief lage waarderingen - een stuk groter is dan pakweg een jaar geleden.

    Het feit dat waarderingen relatief laag zijn zegt ons niets over het rendement dat wij op korte termijn kunnen verwachten. Als aandelenkoersen gedaald zijn is de kans ongeveer even groot dat ze op korte termijn verder dalen als dat ze op korte termijn stijgen. Anders gezegd, op korte termijn is er geen verband tussen waarderingen en koersbewegingen. Omdat op korte termijn het sentiment overheerst. Op lange termijn is er daarentegen een sterk verband tussen waarderingen op het moment van instappen en het rendement. Instappen tegen lage waarderingen betekent vrijwel zeker dat op lange termijn een bovengemiddeld rendement wordt behaald. Ook als het eerst nog minder wordt voordat het beter wordt.

    If markets are cheap, then your long run returns will be better than average, but it tells you nothing about your short term returns. Your benefits from buying a cheap market may or may not come in the first year, but they will come eventually.

    Bovenstaande uitspraak is van James Montier, beleggingsstrateeg bij Société Generale en een bekende zogenaamde ‘permabear’ (notoire pessimist). Een zwartkijker die onlangs, voor het eerst in meer dan tien jaar, zich voorzichtig positief uitte over de aandelenmarkt.

    En voor wie het toch nog niet aandurft om nu ineens in te stappen is er een mooi alternatief: geleidelijk instappen. Dat wil zeggen, niet alles in één keer beleggen maar stukje bij beetje. Trek er bijvoorbeeld tien maanden voor uit en beleg elke maand een tiende van het bedrag dat u te beleggen hebt. U bent dan niet afhankelijk van de koersen op één moment en koopt dus iets meer zekerheid.


    Meer columns


    Hendrik Meesman is directeur van Meesman Index Investments. In deze column geeft Hendrik Meesman zijn persoonlijke mening over een bepaald onderwerp. Dit hoeft niet de mening te zijn van Meesman Index Investments. De informatie in deze column is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Vragen of reacties kunt u mailen naar h.meesman@meesman.nl.